Wat is asbest

58 afb%201-3_tcm46-16089 afb%201-4_tcm46-16090

 

Asbest is een verzamelnaam voor vezelvormige mineralen, welke als delfstof worden gedolven in open- (bovengronds) en gesloten (ondergronds) mijnbouw.
Kenmerkend van asbest is de kristalstructuur waaruit het is opgebouwd. Op verschillende locaties ter wereld wordt asbest gewonnen, zoals Australië en de voormalige Sovjet Unie. Binnen de Europese Unie wordt geen asbest meer gewonnen. Veruit de meest toegepaste asbestsoort is Chrysotiel (witte asbest) 80%. Amosiet (bruine asbest) wordt voor 15% toegepast en Crocidoliet (blauwe asbest) voor 5%. Bij verwerking van asbest is de kleur geen indicatie voor de toegepaste asbestsoort. Het bewerkte asbest heeft voornamelijk een witgrijze kleur.

Eigenschappen van asbest

Asbest heeft als materiaal diverse eigenschappen, waardoor de toepassing van asbest in de industrie, bouw, etc. veelvuldig en veelzijdig is geweest.

Eigenschappen van asbest zijn o.a.

  • bestand tegen hoge temperatuur
    Afhankelijk van de asbestsoort verliest asbest zijn vezelstuctuur rond de 1400 °C.
    Bij verhitting verliest het asbest zijn vocht en gaat gelijktijdig de trekvastheid van de vezels achteruit. De structuur van het asbest verandert dan in poeder (amorf);
  • bestand tegen water en chemicaliën;
  • bestand tegen zuren en logen;
  • grote treksterkte;
  • zeer slijtvast;
  • goed isolerend vermogen: hitte, geluid en elektriciteit;
  • goed mengbaar met andere materialen (cement);
  • goedkoop en makkelijk te verwerken.

Hechtgebonden of niet-hechtgebonden asbest

Afhankelijk van de binding met andere materialen (cement, gips, textiel, papier, etc.) en diverse toepassingen van asbest kunnen asbesthoudende materialen globaal onderverdeeld worden in:

  • hechtgebonden asbest;
  • niet-hechtgebonden asbest;

Hechtgebonden asbest

Hechtgebonden noemen we asbestmaterialen waarbij de vezels in een dragermateriaal verankerd
zitten.
Hechtgebonden asbest levert geen gevaar op zolang het materiaal niet aan slijtage onderhevig is of ondeskundig wordt bewerkt of verwijderd. Voorbeelden van hechtgebonden asbest zijn o.a.: golfplaten, daktegels en luchtkokers.

Niet-hechtgebonden asbest

Asbesthoudende materialen waarbij de asbestvezels gemakkelijk vrijkomen. Voorbeelden van niet-hechtgebonden asbest zijn o.a.: asbestkoord, amosietplaat en spuitasbest.

Aan de hand van ervaringen kan men in de praktijk deze onderverdeling grof onderscheiden, maar voor een precieze vaststelling kan dit, aan de hand van een asbestmonster, door een Sterlab geaccrediteerd laboratorium worden vastgesteld. Het onderscheid kan men met behulp van in het Warenwetbesluit asbest (Stb. 1994, 674) beschreven test worden gemaakt. Bij toepassing van hechtgebonden asbest kan door weersinvloeden, gebruik, etc. de binding veranderen, waarbij aan de oppervlakte van het asbesthoudende materiaal de asbestvezels kunnen loslaten.